vrijdag 27 april 2007

26 en 27 april

Donderdag heb ik samen met wethouder Hannie Kunst eerst een bijzondere ontmoeting met de regisseur en kampoverlevende Marceline Loridan-Ivens. Deze broze oude en waardige vrouw is de weduwe van de grote Nijmeegse zoon Joris Ivens. Zij komt enige malen per jaar naar Nijmegen om met haar medebestuursleden van de Joris Ivens Stichting te overleggen over de artistieke en historische nalatenschap van de wereldberoemde filmer. Vanzelfsprekend willen wij net zo graag als mevrouw Loridan dat de films van Ivens in Nijmegen bewaard blijven.
’s Middags ben ik in Delft met alle korpsbeheerders, korpschefs en hoofdofficieren van Nederland en samen met de ministers van Justitie en van BZK in conclaaf bijeen. We praten over de politieprioriteiten voor de komende jaren. Geweld, jeugdcriminaliteit, wijkgebonden politiezorg, prestatie-indicatoren, alles passeert de revue. Nuttig als we het op de hoofdlijnen eens zijn, dan is er ook geen reden om centraal in te grijpen, laat staan om de politie te nationaliseren.

Vrijdagochtend valt mijn eerste lintjesregen. Burgemeester De Graaf met de gedecoreerden na de uitreiking van de lintjes op de trap in de Vereeniging op 27 april 2007Zeg maar rustig forse bui. In Nijmegen zijn er liefst 25 Koninklijke Onderscheidingen uit te reiken, aanmerkelijk meer dan in een aantal andere grote steden. Is Nijmegen zo Oranjegezind of weten we zo goed onbaatzuchtige en vrijwillige bijdragen aan onze samenleving op waarde te schatten? Het is in ieder geval een feest in een volle Vereeniging. Ik ben een kleine 2 uur aan het woord om iedere gedecoreerde naar waarde toe te spreken. Sportcoach, ziekenbezoekster, professor, allemaal stralen ze als ik ze de medaille mag opspelden. In de grote vloed van lintjes zijn we bijna een rechthebbende mevrouw kwijt geraakt, maar dat komt op het laatste moment nog goed. Het oranjebittertje smaakt op een nog lege maag wat wrang, maar ach, het is maar eens per jaar lintjesfeest!

Ik maak ’s middags kennis met voorzitter en secretaris van de ondernemingsraad van de regiopolitie. Reële politiemensen met wie volgens mij goed valt te praten. Ook spreek ik met enkele raadsleden die samen met mij de griffiecommissie vormen. Een van die raadsleden, de plaatsvervangend voorzitter van de gemeenteraad, besluit de PvdA-fractie te verlaten en onafhankelijk verder te gaan. Ik vind dat om verschillende redenen geen goede gedachte.

Aan het eind van de middag breng ik een bezoek aan het vliegveld Weeze, zo’n 45 kilometer en een half uurtje van Nijmegen vandaag. Goed bereikbaar, een toenemend aantal bestemmingen met Ryanair als vaste partner en steeds populairder bij zowel Duitsers als Nederlanders vanwege de schaal, de snelle afhandeling, de sfeer en de vliegkosten. Goed voor Nijmegen, zowel zakelijk als toeristisch, al begrijp ik best dat er in het verleden verzet is geweest tegen de commerciële exploitatie van deze van oorsprong Engelse luchtmachtstrip.

’s Avonds laat mijn laatste klusje, maar wel een leuk klusje. Precies om 00.00 uur los ik met een heus startpistool het startschot voor de Batavierenrace. Honderden lopers staan hier aan de start, het kameelneusje van ruim 8000 deelnemers. Wethouder Paul Depla is naar Enschede afgereisd om daar een stuk in een VIP-team mee te lopen. Zo houdt hij zijn burgemeester uit de wind.

woensdag 25 april 2007

Toespraak: Landelijk Congres der Bestuurskunde

Dames en Heren,

Ik wil u van harte welkom heten op het Landelijk Congres der Bestuurskunde 2007, maar uiteraard wil ik u in het bijzonder welkom heten in Nijmegen. Het congres wordt dit jaar georganiseerd door studenten van onze eigen Radboud Universiteit Nijmegen. Al bijna 85 jaar zijn de stad Nijmegen en de universiteit onlosmakelijk met elkaar verbonden. En daar zijn we trots op, want Nijmegen ontleent een belangrijk deel van haar karakter en uitstraling aan de aanwezigheid van de universiteit en de mensen die er werken en studeren.

Nijmegen is de oudste stad van ons land, en ook daar zijn we trots op. Terwijl men rond het begin van de jaartelling boven de rivieren nog gehuld ging in berenvellen, stond er hier in Nijmegen al een enorme castra - een Romeinse legerplaats - waar meer dan vijfduizend soldaten gelegerd waren. Daaromheen was een grote burgernederzetting, men verhandelde goederen op een grote marktplaats en er was zelfs een amfitheater met duizenden zitplaatsen. Terwijl elders in de lage landen nog recht werd gesproken met de knots en de vuist, kende Nijmegen al een geciviliseerde vorm van stadsbestuur en rechtspraak.

Kortom, Nijmegen is een uitstekende ambiance voor het Landelijk Congres der Bestuurskunde. Want hier is vandaag en morgen de crème de la crème van de Nederlandse politiek en wetenschap bij elkaar. Samen met de studenten - de bestuurskundigen van morgen - buigen ze zich over de vraag wat de uitdagingen van de 21ste eeuw zijn en welke overheid daar het beste bij past. Als u het mij vergeeft dat ik even kort door de bocht ben, u gaat twee dagen denken en praten over “de toekomst van de overheid” en “de overheid van de toekomst”.

25 april

De verenigde bestuurskunde-studenten komen vandaag en morgen in het Triavium bijeen. Voor hun Landelijk Congres der Bestuurskunde hebben ze een keur van sprekers weten te strikken. Helaas wel alleen maar witte mannen van middelbare leeftijd, zeg maar mijn type. Hoewel het misschien niet erg aardig is, zeg ik er in mijn openingswoord wel wat van. En overigens ook geen allochtone sprekers, ik zie ook weinig studenten van Turkse, Marokkaanse of Antilliaanse achtergrond, terwijl er meer dan een miljoen mensen van niet-westerse afkomst in ons land wonen. Het thema van het congres is de overheid van de toekomst, maar daarin is zo blijkt vandaag nog een lange weg te gaan. In mijn toespraakje hekel ik ook de voornemens om 15 000 ambtenaren te “schrappen”, zonder eerst na te gaan waarom en welke taken je dan niet of minder wil doen. De beruchte Kaasschaaf hangt weer boven Den Haag en over een paar jaar zal blijken dat er uiteindelijk niets is veranderd. Kamerleden die vandaag om een kleinere overheid vragen, roepen morgen weer om extra maatregelen en dus extra ambtenaren om die uit te voeren.

Verderop de dag heb ik mijn gebruikelijke overleggen met de griffier over de raadsvergadering en met de korpschef en hoofdofficier over het beheer van de politie van Gelderland-Zuid. Ook verken ik samen met wethouder Jan van der Meer de mogelijkheden om de spoorinfrastructuur rondom Nijmegen te verbeteren. Landelijke investeringen zijn erg nuttig, maar de kans op een herstelde treinverbinding met Kleve zit er voorlopig niet in.
Tussendoor Radio Rijnmond die met mij terug wil blikken op de moord op Pim Fortuyn, 5 jaar geleden. Toen Fortuyn werd neergeschoten werd ik juist live geïnterviewd door Natascha Kuit voor dezelfde Radio Rijnmond. Bizarre dag, 6 mei 2002. De dag er voor hadden Fortuyn en ik nog gedebatteerd voor Radio 1, dezelfde middag kwamen we elkaar nog tegen in Breda bij lezersgesprekken van het dagblad De Stem. De plek waar hij werd neergeschoten, de parkeerplaats bij de 3FM -studio, had ik zelf de vrijdag ervoor nog aangedaan voor hetzelfde programma.

Op de Politieke Avond komt er eindelijk duidelijkheid in het debat over de verkoop van onze busmaatschappij Novio. Er komt wel een raadsonderzoek, maar geen enquête. En het gaat over het verkoopproces, maar niet alleen maar daarover. Coalitie en oppositie hebben elkaar gevonden, al kan één lid van de PvdA-fractie zich daar niet in vinden. De fractie van Gewoon Nijmegen stelt mij vragen over toenemende overlast van prostituees buiten de officiële tippelzone. Het lijkt er op dat er steeds meer dames uit andere steden en uit Oost-Europa hier werken, zij drukken lokale verslaafde hoertjes zogezegd uit de markt. We blijven natuurlijk handhaven maar gaan ook kijken wat we structureel kunnen doen.

maandag 23 april 2007

23 april

Twee berichten uit de krant die me vandaag opvallen.

Slechthorenden zijn aan het einde van de werkdag drie keer zo vaak doodop als werknemers met een goed gehoor. Bovendien heeft bijna tweederde van de slechthorenden grote moeite om goed te functioneren.
Zelf ben ik aan één oor fors doof en een gehoorapparaat helpt helaas niet echt. Ik heb daarmee leren leven en ben zelfs nog opgeklommen tot voorzitter van de Nationale Hoorstichting. Het klopt wat de krant zegt, je verbruikt meer energie, omdat je intenser moet luisteren, je beter moet concentreren en dus meer moeite moet doen om te communiceren.
Maar er valt heel goed mee te werken en leven als je deze handicap niet verbergt en er anderen juist deelgenoot van laat zijn. Iedereen is bereid rekening met je te houden (waar kan ik zitten, een beetje duidelijk praten, indien nodig een goede geluidsinstallatie enz.) als men het maar weet. Slechthorendheid is een probleem van meer dan een miljoen mensen. Er komen elke dag meer mogelijke handicaps bij door een te grote geluidsbelasting op het werk en vooral overmatig hard geluid in disco’s en op MP3-spelers. Het wordt tijd dat Den Haag hier aandacht voor krijgt, omdat slechthorendheid zowel een sociaal als een economisch probleem is. In Amerika is bijvoorbeeld becijferd dat de economische schade als gevolg van slechthorendheid in de miljarden loopt. Meer geld voor preventie en wetenschappelijk onderzoek, meer bewustwording, maatschappelijke acceptatie van gehoorapparaten (een bril kan sexy zijn, nu dat oorknopje nog).

En het andere bericht is dat minister Guusje ter Horst wil dat er meer vrouwen burgemeester worden. Helemaal mee eens. Ze wil desnoods zelf ingrijpen om te zorgen dat de burgemeesters samen meer een afspiegeling van de samenleving vormen. Helemaal niet mee eens. Ik dacht dat we eindelijk van de Haagse bemoeienis af waren. Er is dan weliswaar geen rechtstreeks gekozen burgemeester, maar wel een praktijk dat de kandidaat die door de gemeenteraad is uitverkoren zonder dralen door de minister voor benoeming wordt voorgedragen. Daar past geen eigen afweging meer bij. Dus ondanks alle goede bedoelingen: Guusje, laat de gemeenteraad maar kiezen, niet de achterkamers van Den Haag.

Vandaag tussen alle vergaderingen door ook nog even minister André Rouvoet gesproken, die op zijn 100 dagen-tour de Nijmeegse GGD aandoet. Hij krijgt geloof ik de smaak van het regeren te pakken. Het is knap lastig om met slechts een enkele collega in de Ministerraad de belangen van je partij te behartigen en ook nog als vakminister je werk goed te doen, ik kan er over meepraten. ’s Avonds het eerste deel van de filmavond Nijmegen Blijft in Beeld bijgewoond in De Vereeniging. Prachtige beelden van onze stad uit de jaren twintig en dertig (een net aangelegde Waalbrug) en ook van de installatie van mijn vader. Ik zie mezelf als een nieuwsgierig jochie van 10 jaar in de camera kijken. Toen ook al…

vrijdag 20 april 2007

19 en 20 april

Vanochtend krijg ik bezoek van mijn voor-voorganger Ed d’Hondt. Hij is voorzitter van de Stichting Parlementaire Geschiedenis, die samen met de Radboud Universiteit (en met veel rijksmiddelen) het in Nijmegen gevestigde Centrum voor Parlementaire Geschiedenis exploiteert. Het bestuur wordt gevormd door leden van de Eerste en Tweede Kamer maar de onafhankelijke voorzitter is niet toevallig een Nijmeegse (oud-) burgemeester. Het is de bedoeling dat ik Ed ga opvolgen en dat doe ik met veel plezier. Zelf was ik bijna 8 jaar bestuurslid tijdens mijn Kamerperiode en in mijn studietijd was ik assistent en onderzoeker op het Centrum dat ooit door de fameuze professor Frans Duynstee werd opgericht. Het CPG is nu in de capabele leiding van professor Carla van Baalen en de publicaties over de naoorlogse geschiedenis van onze parlementaire democratie volgen elkaar in snel tempo op. Leuk om te doen en goed voor Nijmegen!

Ik heb vandaag de nodige vergaderingen, waaronder de bijeenkomst van de Nijmeegse driehoek en een overleg van het Dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid. Aan het einde van de middag, maar helaas door de files later dan gepland, ben ik in Den Haag aanwezig op het afscheid van Leon van Halder als directeur-generaal bij het ministerie van BZK. León en ik hebben tijdens mijn ministerschap intensief samen opgetrokken rond de gekozen burgemeester, het grotestedenbeleid, kwesties rond paspoorten en reisdocumenten en het binnenlands bestuur. Maar het meest intens was wel onze poging om de verhoudingen tussen Nederland en de Nederlandse Antillen structureel te veranderen en te verbeteren. Ik geloof dat wij daar een behoorlijke bijdrage aan hebben kunnen leveren. Ook in zijn nieuwe functie als eerste adviseur van minister Ella Vogelaar zal ik hem hopelijk vaak spreken. Om te beginnen graag over de 40 prachtwijken waar Hatert er één van is.

Aan het slot van de week vergader en lunch ik onder meer met de burgemeesters van de kring Nijmegen e.o., dit keer in Beneden-Leeuwen op uitnodiging van collega Thomas Steenkamp. We hebben het bijvoorbeeld over het burgemeesterlijk handwerk van de uitreiking van Koninklijke Onderscheidingen. De burgemeester heeft niet alleen een rol bij de uitreiking maar ook bij de (beoordeling van de) aanvragen en dat kan soms best lastig zijn.

Ik mag ook in een grote tent op een grasveld bij de Pink Floydstraat in Lent de prijzen uitreiken van de Nationale Metselwedstrijd voor jongeren. De prijswinnaars zijn allemaal eerste klas handwerklieden in de dop. Gezamenlijk hebben de jongens (ik heb geen meisjes gezien) door de Nijmeegse kunstenaar Jac Splinter ontworpen zitelementen voor een speelplek in de buurt gemetseld en gevoegd. Handig: bouw, kunst en scholing inéén!

Het laatste uur van de vrijdag is voor het wekelijks café van De Gelderlander in de Foyer. Burgemeester De Graaf tijdens het nieuwscafé van De Gelderlander op vrijdag 20 april 2007 Ik word over mijn eerste 100 dagen ondervraagd door Rob Jaspers. Waarom ben ik eigenlijk niet wat politieker in deze eerste maanden, dat was Guusje (achternaam niet nodig) toch ook? Tsja, omdat de raad geen 7de wethouder wilde en het land nog niet toe is aan een heuse gekozen burgemeester, daarom. En overigens hoef je niet altijd op de haverkist te zitten om als bok toch heel effectief te zijn…